Treitervloggers en het dilemma van een burgemeester

foto-blog1

De afgelopen maanden zijn de ´hoodvloggers” veel in het nieuws geweest. Groepen hangjongeren zorgen voor ernstige en structurele overlast in verschillende steden waaronder Zaandam. Het verschijnsel hangjongeren is niet nieuw, maar wat wel van deze tijd is dat de jongeren zichzelf filmen en te volgen zijn via websites als Youtube. Lokale en zelfs alledaagse jeugdproblematiek krijgt daardoor snel landelijke aandacht en bekendheid. Het gevolg is ook dat er copycats ontstaan. Jongeren uit andere wijken voelen zich aangetrokken tot het “stoere cbd products nemen het over. Als een olievlek verspreid de onrust zich dan over het land heen.

De minister van Veiligheid en Justitie Ard van der Steur vindt dat er hard opgetreden moet worden tegen deze jongeren. De eindverantwoordelijke voor de openbare orde in een gemeente is de burgemeester. Van de burgemeester van Zaandam werd door gemeenteraad dan ook al snel “krachtig optreden” geëist. De burgemeester heeft in dit soort gevallen de bevoegdheid om aanwijzingen en bevelen te geven die de openbare orde kunnen beschermen. Een van de bekendste en meest ingrijpende bevelen is het zogenaamde “gebiedsverbod” dat ingezet kan worden tegen overlastgevende groepen zoals hangjongeren en voetbalhooligans.

De burgemeester heeft er uiteindelijk voor gekozen om verschillende leden van de Zaanse groep een dergelijk gebiedsverbod op te leggen. Commentaren op het internet vonden dit niet ver genoeg gaan en buurtbewoners hoopte op nog steviger optreden. Dit is begrijpelijk maar is tegelijkertijd tekenend voor de problematiek. Het opleggen van een gebiedsverbod is absoluut geen kleinigheid. Het maakt een behoorlijke inbreuk in de grondrechten van Nederlandse burgers. Geen mediageniek aspect maar wel één waar de burgemeester ambtshalve rekening mee moet houden. Een burgemeester kan hierdoor niet zomaar gehoor geven aan de oproep om grote groepen jongeren de toegang tot bijvoorbeeld een winkelgebied te ontzeggen. Voor de burgemeester brengt dit logischerwijs een probleem met zich mee. Aan de kant wil deze daadkrachtig optreden en grote groepen jongeren een verbod opleggen, aan de andere kant moet deze in de bestuurlijke afweging de grondrechten van de individuele jongeren meewegen. Doet de burgemeester dat niet dan kan de rechter het besluit in een later stadium alsnog vernietigen. De rechter heeft in het verleden zelfs gebiedsverboden vernietigd die te snel opgelegd waren aan gewelddadige hooligans.

Gemeenten zullen in de nabije toekomst vaker geconfronteerd worden met de problematiek rondom “hoodvloggers”. Jongeren van 2016 delen hun gehele leven met elkaar via social media, inclusief de rottigheid die zij uithalen. Politie en jongerenwerkers hebben ruime ervaring met het oplossen van jeugdproblematiek aangezien dit absoluut geen nieuw verschijnsel is. Meestal is daar een lange adem voor nodig en een combinatie van verschillende aanpakken. De aandacht via sociale media maakt dat gemeenten met een heel nieuw probleem geconfronteerd worden. Als er niet snel ingegrepen wordt dan kan de situatie net zoals in Zaandam escaleren. Snel en stevig ingrijpen is niet altijd mogelijk. Dit biedt een zeer interessante aanleiding om nieuwe mogelijkheden en instrumenten te onderzoeken die in de toekomst gebruikt kunnen worden. Hierbij is het van belang dat wij de grondrechten van Nederlanders in het oog houden. Het censureren van Youtubefragmenten of het beperken van de bewegingsvrijheid van burgers kan op korte termijn winst opleveren, maar het zet de deur wel open naar een maatschappij waar uiteindelijk ook journalisten hun werk niet meer kunnen doen als zij bijvoorbeeld rapporteren over een asielzoekerscentrum.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *